In onze eerdere blogs bespraken we het actuele thema ‘Samen doen’. We deelden waarom samenwerken met het sociale netwerk essentieel is voor de toekomst van de zorg en we gaven 5 praktische tips om die samenwerking werkbaar te maken. Maar hoe breng je dit in de praktijk bij een organisatie met meerdere locaties en verschillende teams? Hoe zorg je dat ‘Samen doen’ geen extra ‘moetje’ wordt op een toch al drukke dag?

Bij Zorggroep Solis krijgt ‘Samen doen’ vorm in vaste gesprekken met naasten én in de dagelijkse communicatie. Het Samen doen-gesprek zorgt voor duidelijke afspraken, en via de SamenSolis App ondersteunen zij die samenwerking in de praktijk. Zo is de app geen losse tool, maar onderdeel van hoe Solis samenwerkt. Daarnaast kunnen naasten vrijblijvend een balansgesprek aanvragen, waarin zij op zoek gaan naar wat hen helpt om het vol te houden, waar hun grenzen liggen en welke ondersteuning mogelijk is.

Om te begrijpen hoe zij dit precies aanpakken, spraken we met Kitty Oude Bruinink, coördinator mantelzorg bij Zorggroep Solis. Bij Solis geloven ze dat écht samen doen betekent dat de bewoner, de naaste en de medewerker gelijkwaardig optrekken. Omzien naast je naasten stopt niet bij de voordeur van het verpleeghuis; de relatie tussen de bewoner en zijn of haar netwerk gaat gewoon door en Solis ziet het als hun taak om die verbinding te ondersteunen.

De urgentie: We móéten het samen doen

Mede door de realiteit van de huidige zorgmarkt voelde ze bij Solis de noodzaak om de manier van samenwerken aan te pakken. Met een groeiende personeelskrapte is de traditionele rolverdeling – waarbij de zorginstelling alles overneemt – niet langer houdbaar. Tegelijk sluit deze beweging aan bij de visie van Solis: mensen zoveel mogelijk laten leven zoals zij dat zelf willen, samen met hun naasten. De boodschap die Solis afgeeft is helder: “U hoeft niet alles te doen, wij ook niet. We doen het samen doen”.

Solis kijkt met andere ogen: De Schijf van Vijf

Bij Solis is ‘Samen doen’ verankerd in hun werkwijze. Ze noemen dit ook wel “met andere ogen kijken”. Hiervoor gebruiken ze o.a. de ‘Schijf van Vijf’, waarbij de derde stap specifiek wordt ingezet om naasten te betrekken. Opvallend is dat Solis hierbij heel bewust spreekt van naasten in plaats van mantelzorgers. “Door te spreken van naasten houden we het breed, inclusief en minder beladen. Het gaat om iedereen die belangrijk is voor de bewoner: van de partner en kinderen tot de buurman of een goede vriend,” vertelt Kitty.

Daarnaast legt Kitty uit dat samenwerking vaak vastloopt als je direct over taken begint: “Iedereen zegt altijd: ja hoor, ik wil wel wat doen. Maar als het puntje bij paaltje komt, gebeurt er soms niets omdat mensen zich vaak ongemakkelijk voelen bij de nieuwe situatie in het verpleeghuis“.

De verhuizing naar een verpleeghuis brengt voor naasten vaak veranderingen met zich mee. Rollen verschuiven, en naasten weten soms niet goed meer wat passend is in de nieuwe situatie. Ook voor de medewerkers is het vaak zoeken naar het juiste moment om hierover het gesprek te openen.Daarom begint ‘Samen doen’ bij Solis altijd bij verbinding en vertrouwen, niet bij een taakverdeling.

Het ‘Samen doen-gesprek’: hoe is het met ú?

Om te voorkomen dat naasten zich terugtrekken of onzeker worden in de nieuwe situatie, voert Solis twee tot drie weken na de verhuizing het Samen doen‑gesprek. In dit gesprek wordt de zakelijke bril bewust afgezet. In plaats van direct te praten over wie welke praktische dingen doet, wordt eerst teruggegaan naar de basis van de relatie: wie is de bewoner, wie zijn de naasten en wat is voor hen belangrijk?

We vragen eerst: hoe is het met ú? Wat deed u voorheen altijd samen en wat wilt u in de toekomst blijven betekenen?“. Door deze vragen te stellen, krijgt de naaste weer de ruimte om ‘dochter’, ‘partner’ of ‘buurvrouw’ te zijn, in plaats van een bezoeker die zich bezwaard voelt om iets aan te raken. “Thuis is het heel normaal om zelf koffie te pakken of even te helpen met schoonmaken, maar in een verpleeghuis voelt dat voor velen ineens als een grens die ze niet durven over te gaan,” aldus Kitty. Het gesprek is bedoeld om die drempel te verlagen en de naaste weer het gevoel te geven dat ze ’thuis’ zijn bij hun naaste.

Zorgen voor naasten met het Balansgesprek

Echte verbinding betekent bij Solis ook oog hebben voor de draagkracht van de ander. “Als je naasten echt wilt betrekken, moet je ook zorgen dat zij het kunnen volhouden,” benadrukt Kitty. Veel mensen zijn immers al zwaar belast voordat hun verwant bij Solis komt wonen.

Daarom is het Balansgesprek ontwikkeld dat naasten vrijblijvend kunnen aanvragen. Het is een methodische interventie waarbij getrainde vrijwilligers samen met de naaste kijken naar thema’s als autonomie en de werk-privébalans. Het doel is niet om méér taken op te leggen, maar om de naaste zelf de regie te geven over hun eigen welzijn. De uitkomst is altijd één kleine, concrete stap die direct lucht geeft – of dat nu het inschakelen van lotgenotencontact is of het maken van betere afspraken op het werk. Zo blijft de samenwerking tussen naaste en medewerker gezond en duurzaam.

De rol van de SamenSolis App

Om deze visie op ‘Samen doen’ dagelijks te ondersteunen, gebruikt Solis de SamenSolis App. De app is voor hen het platform waar informatie en verbinding samenkomen. Het helpt om de boodschap “u hoeft niet alles te doen, wij ook niet; we doen het samen” tastbaar te maken. In de app vinden naasten alles op één plek: van leuke updates op het prikbord en de activiteitenagenda tot praktische instructiefilmpjes die hen helpen en ontlasten.

Benieuwd naar de resultaten van de SamenSolis App en hoe Kitty de samenwerking met Connect2Care ervaart? Lees dan het volledige referentieartikel.